In februari 2004 hoorde Evert van Rossum dat hij de ziekte van Alzheimer heeft.
Hij schrijft als dementerende een column voor de website van Alzheimer Nederland.
Sinds kort zijn aan de binnenkant van onze voordeur twee borden bevestigd. Op de één staat mijn dagindeling van deze week en op het andere bord mijn agenda voor de komende week. De borden waren hard nodig omdat ik op mijn roze wolk leef en de meest simpele dingen soms vergeet. Dat is voor mij niet zo’n probleem, ‘t is hooguit vervelend, maar mijn naasten drijf ik met mijn vergeetachtigheid soms tot wanhoop, ja soms zelfs tot paniek.
Omdat de kinderen van mijn zus op de middelbare school zitten, hebben ze een
variabel rooster. Vaak zijn ze ’s middags thuis, maar soms ook niet. Als ze er
niet zijn, laat ik de hond van mijn zus uit. Ik ben stapelgek op Senna. Het uitlaten
ging altijd goed, totdat ik er niet meer aan dacht. Ik voelde schuldig dat ik
het vergat. Onzin natuurlijk, maar toch… Nu staat het op het bord geschreven:
‘Senna uitlaten.’
Met mijn zus ga ik altijd boodschappen halen. Een tijdje geleden zei ze: ‘Eef,
vrijdag om tien uur ben ik bij je. Dan gaan we even naar de supermarkt, de dierenwinkel
om voer te halen voor Senna en daarna naar de dierenarts.’ ‘Goed schat, tot vrijdag!’,
antwoordde ik. Maar die vrijdag moest ik in Rotterdam zijn. Izaak kwam er op het
laatste nippertje achter dat ik een dubbele afspraak had gemaakt. Nu staat alles
duidelijk op het bord. Mijn zus weet dat en tegenwoordig kijkt zij er eerst op
voordat zij een afspraak met mij maakt.
We hebben een nieuwe hond, Ramses genaamd. Onlangs moest ik met hem naar de dierenarts voor een inenting. Ik was keurig op tijd. ‘Mag ik van u het dierenpaspoort?’ vroeg zijn assistent. Natuurlijk had ik die niet bij me. Ik was het vergeten... Vroeger had ik niet eens een agenda. Alle afspraken stonden in mijn geheugen opgeslagen. Nu onthoud ik niets meer. De ziekte van Alzheimer neemt en neemt maar en wij moeten met z’n allen maar een oplossing zien te vinden om deze catastrofe een plek te geven in ons leven.
Ik kan het goed een plaats geven. Het enige probleem waar ik mee zit is dat Senna
niet uitgelaten wordt als ik het vergeet. De rest glijdt eigenlijk langs mijn
roze wolk. Morgen is weer een dag, denk ik dan. Maar ik begrijp drommels goed
dat het voor mijn naasten een ramp is. Zij kunnen niet meer op mij rekenen. Was
ik vroeger een rots in de branding, nu ben ik een engel die zweeft op zijn roze
wolk, ver weg van hun wereld.
De borden brengen uitkomst. Daarop staat duidelijk vermeld wanneer ik van mijn
wolk af moet komen en even plaats moet nemen in de hectische wereld van mijn dierbaren.
De borden brengen rust voor iedereen. Ook zie ik zwart op wit staan hoe leuk mijn
leven is. Maar dan moet Izaak wel al mijn afspraken op de borden schrijven. Anders
zit ik allang op mijn wolk te genieten van mijn leven en is iedereen in alle staten
dat ik weer wat ben vergeten. Gelukkig is het dan niet mijn schuld, dan kan ik
het lekker afschuiven op Izaak die het vergeten is op te schijven... Of heb ik
nu een bord voor mijn kop?
Evert
Lees andere columns van Evert van Rossum

