In februari 2004 hoorde Evert van Rossum dat hij de ziekte van Alzheimer heeft. Hij schrijft als dementerende een column voor de website van Alzheimer Nederland.
Wij zijn samen één. Ik heb niet eens geprobeerd om je af te schudden. Vanaf het begin heb ik geprobeerd om dikke maatjes met je te worden, om je zo milder te stemmen en er samen iets leuks van te maken.
Maar jij bent zo egoïstisch de laatste tijd. Jij neemt maar en vraagt nooit meer wat ik wil. Of ik het wel leuk vind wat voor streken je nu weer uithaalt. Jij vergeet mij helemaal.
Als ik ga slapen, slaap ik. Tenminste mijn lichaam rust, maar jij maalt maar door mijn hoofd en gaat tekeer als een bezetene. Jij laat me kijken in jouw wereld, jouw wereld die me vaak heel bekend voorkomt. Ik ben vaak toeschouwer in mijn eigen leven, jij laat me kijken door jouw ogen. Als ik wakker word, ben ik doodmoe door jouw nadrukkelijke aanwezigheid.
Jij hebt je huiswerk goed gemaakt, elke minuut van mijn leven heb je opgeslagen. Maar word jij nu nooit eens moe van al dat hollen en vliegen in de tijd, mijn verleden tijd?Laat me toch eens slapen en uitrusten. Laat mijn zolderkamer maar even voor wat het is. Het is najaar, helemaal geen tijd voor een grote schoonmaak. Maar waarschijnlijk heb jij totaal geen begrip van seizoenen. Jij raast door alle seizoenen heen met windkracht twaalf, totaal geen rekening houdend met mij. Dat vind ik op zijn zachts gezegd erg onvriendelijk.
Wij zijn aan elkaar verbonden als Laurel & Hardy, nooit komen wij nog van elkaar los. Ja, als de dood ons scheidt, dan nemen we afscheid van elkaar. Kan jij tot die tijd dan niet iets milder voor mij zijn?
Jij bent jij en ik ben ik, zo hoort het te zijn. Alleen ben jij zo egoïstisch dat ik me alleen mag aanpassen naar jouw wil. Jij hebt me nog nooit horen klagen maar ik vind nu dat ik moet gaan oppassen om niet op jou te gaan lijken. Jij hebt leuke, maar ook hele vervelende en nare kanten. Jij bent jij en dat mag je, maar waarom projecteer jij alles op mij? Ik laat jou in je waarde. Waarom laat jij mij niet in mijn waarde?
Wat zeg je? Zo ben je nu éénmaal? Dat is makkelijk. Oh! Jij bent egoïstisch, vervelend, veranderend. Jij neemt, jouw wil is wet. Leuke vriend ben jij. Met een vriend hoor je samen te lachen en te huilen op zijn tijd, maar door jouw egoïstisch en vervelende gedrag kom ik bijna niet meer aan lachen toe.
Nu snap ik wel dat jij je oppermachtig voelt, gesteund door de Wereld der Dwazen, maar jij bent toch mijn vriend en niet hun vriend? Mooie vriend ben jij, altijd bij mij zijn en steun zoeken bij anderen. Noem jij dat nu vriendschap? Helaas kan ik je niet de deur wijzen, was dat maar waar, dan lag jij allang buiten de deur en kwam je er nooit meer in. Daarom vraag ik je als vriend, wees eens wat aardiger voor mij, mijn vriendje Alzheimer.
Evert
Reageer op deze column

