download print
12 augustus 2010

In februari 2004 hoorde Evert van Rossum dat hij de ziekte van Alzheimer heeft. Hij schrijft als dementerende een column voor de website van Alzheimer Nederland.

Dagdromen gebeurt mij de laatste tijd steeds vaker. Eerst kwamen de dromen alleen ‘s nachts voorbij, maar nu ook overdag. Als ik thuis ben is het niet zo erg, maar soms gebeurt het als ik op de fiets zit. Dan fiets ik zo mijn andere wereld in en weet ik meteen niet meer waar ik ben. Het vreemde is dat ik het nog normaal vind ook. Die dagdromen zijn zo ongelooflijk fijn, de wereld is ineens duizend maal mooier. Dus fiets ik maar door en door zonder te beseffen waar ik ben, laat staan dat ik weet waar ik naar toe wil.

Iedereen in mijn omgeving maakt zich hierover grote zorgen. Ik niet. Mijn dagdromen maken mijn leven heel aangenaam. Alle chagrijnige gezichten hebben dan iets grappig. Ik schiet prompt in de lach. Mensen doen mij dan denken aan ‘Dappere Dodo’, een marionettenpop van vroeger.

Ik vind de weg naar huis nooit zelf, maar toch kom ik altijd thuis. Tegenwoordig heb ik in alle jassen en tassen en in mijn portemonnee een adreskaartje zitten waarop staat in welke wijk ik woon. Ik woon in een bekende wijk in Nieuwegein. Bovendien heb ik een mond, dus soms vraag ik gewoon of mensen mij de weg kunnen wijzen.

Het gebeurt natuurlijk ook als ik met de hond aan het wandelen ben. Ik loop zo mijn droomwereld binnen en de mensen staan me dan stomverbaasd aan te kijken als ik de weg vraag. Maar als ik vertel dat ik door mijn ziekte even de weg kwijt ben, is iedereen meteen begripvol.

De dagdromen nemen zoveel afstand van de Wereld der Dwazen dat het voor mij iedere keer een feest is om in die wereld te belanden. De dwaasheid van de wereld wordt iedere keer extra onderstreept en het leuke is dat de mensen echt marionetten worden. Als ik iemand tegenkom die heel vriendelijke en aardig is, dan maakt deze persoon mijn wereld nog kleurrijker en mooier dan hij al is. Waarom zou ik dan bang zijn voor deze wereld?

In mijn dagdroomwereld zie ik kleuren die ik niet herken. Ik kan ze niet omschrijven, maar ze zijn ongelooflijk prachtig. Ik word er altijd een beetje stil van. Een droomwereld die eigenlijk niet verstoord kan worden door wie of wat dan ook. Deze wereld blijft altijd bij me en ik voel me er veilig in.

Als Izaak uit zijn werk komt, ziet hij aan mijn gezicht hoe mijn dag is geweest. Als hij een dag thuis is zegt hij altijd bezorgd: ‘Ga maar even lekker rusten.’ Hij snapt als geen ander dat mijn werelden door elkaar lopen. Hij is ermee vertrouwd geraakt dat hij mij moet loslaten als ik in mijn andere wereld beland. Er tegenin gaan heeft totaal geen zin. Mijn alzheimerwereld laat mij dromen. Ik kom vanzelf weer terug op aarde, ik mag even proeven aan ‘het later’.

Proeven aan de toekomst zou me doodsbang moeten maken, maar het gekke is dat mijn toekomst mij geruststelt. Ik weet dat het eindpunt, de start is van een nieuw begin. Een nieuw begin van een nieuw leven, een heel ander leven. Wat een spannende uitdaging!Het is een totaal onbekende wereld waar ik nu soms even om een hoekje mag kijken. Spannend hè?

Het doet mij wel verdriet om afscheid te nemen van mijn geliefde, vrienden en familie. De ziekte is wreed voor hen, zij zullen mij kwijtraken. Ik zal ze later niet meer herkennen, maar ik hoop dat ik de blijheid blijf uitstralen in mijn nieuwe leven zodat zij gerust gesteld zijn dat ik in mijn nieuwe wereld ook gelukkig ben. Laten we ons hier voorlopig maar aan vastklampen, want morgen kan alles anders zijn. Vandaag leef je, morgen is je toekomst, overmorgen is zo ver weg. Dat vergeet ik zelfs wel eens.

Evert



Reageer op deze column

Lees andere columns van Evert van Rossum

 

 

                   © 2010 Alzheimer Nederland - Privacy - Webmaster