In februari 2004 hoorde Evert van Rossum dat hij de ziekte van Alzheimer heeft.
Hij schrijft als dementerende een column voor de website van Alzheimer Nederland.
Onlangs kochten Izaak en ik een nieuw bankstel. Niets bijzonders zal u zeggen.
Het bankstel staat echt schitterend. Voor de nieuwsgierigen onder u: het is een
wit lederen hoekbankstel. Alleen was ik na deze verandering als een vreemde in
mijn eigen woning. Ik was helemaal de kluts kwijt en kon maar niet wennen aan
de nieuwe situatie. Gelukkig kreeg ik de tijd om aan het nieuwe te wennen. Na
verloop van tijd heb ik mijn huis weer ‘eigen’ gemaakt.
Het wordt me steeds duidelijker waarom bijvoorbeeld een stedentrip van een paar
dagen niets voor mij is. Ik krijg gewoon niet de tijd om aan alle nieuwe indrukken
en emoties te wennen. Die hakken er flink in en brengen mij aan het wankelen.
Ik ontvang een mail van Rob Kamphues:
Moet aldoor aan jullie denken. Ik heb je boek in één ruk uitgelezen en dikke
tranen gehuild. Wat ontroerend, wat openhartig en wat aangrijpend allemaal, maar
vooral wat mooi en grappig opgeschreven. Ik ben heel trots op jullie, dat ik jullie
ken en natuurlijk ook heel trots wat je in je nieuwe column allemaal weer over
mij zegt. Het is waar Evert: wij zijn hele dikke vrienden en ik heb ook ’t gevoel
dat ik recht in jouw ziel kijkt. Veel van jouw openhartigheid probeer ik in het
dagelijkse leven ook in de praktijk te brengen, dus het is fijn als ik een zielsverwant
vind, ook al wordt het bij jou veroorzaakt door je ziekte (Geloof ik trouwens
niet hoor, ik denk dat je altijd openhartig moet zijn geweest). Ik probeer ook
nog extra te genieten van ’t mooie wat mij allemaal overkomt en reken er maar
op dat het lukt. Ik geniet nu van elk moment waar ik ook ben. Ik kom snel bij
jullie langs, want die boodschap heb ik ook uit je boek begrepen hoor: ik zal
me minder druk maken en meer tijd inruimen voor mijn vrienden nu het nog kan ;-)
Kus,
Rob
En weer word ik door elkaar geschud door emoties. ‘Wat is er mis mee? Niks toch?’
spreek ik mezelf moed in. De reactie van Rob op mijn boek maar ook de reacties
van wildvreemde mensen, doen me goed. Een warm gevoel stroomt bij me naar binnen.
Wat ben ik blij dat mijn openhartigheid en eerlijkheid op waarde wordt geschat.
Mijn vriendje Alzheimer mag me te grazen nemen, deze blijdschap neemt hij mij
vandaag niet meer af.
Ik kruip in de hoek van de nieuwe bank met hond en kat en lap aan mijn laars
dat het beestenspul niet op de bank mogen van Izaak. Dat is even niet mijn zorg.
Ik bezet vandaag voor het eerst écht mijn nieuwe bank.
Hèhè, eindelijk weer thuis.
Evert
Reageer op deze column
Lees andere columns van Evert van Rossum

