Meer informatie


pdfIcon.png 10 signalen van dementie

pdfIcon.png Apathie

pdfIcon.png Agressief gedrag

pdfIcon.png Depressie en angsten

pdfIcon.png Dwaalgedrag

pdfIcon.png Onrustig gedrag

pdfIcon.png Wanen en hallucinaties

webwinkel icoon Webwinkel

alzheimerexperience

Afasie

Een persoon met dementie kan kampen met een afasie of taalstoornis. Hij kan steeds slechter op woorden komen, voorwerpen benoemen, lezen en schrijven, begrijpen wat anderen zeggen of herhalen wat hij gehoord heeft.

Apraxie

Iemand met dementie kan een apraxie of handelingsstoornis hebben. Het uitvoeren van doelbewuste maar eenvoudige handelingen kan hij dan niet meer, zoals het smeren van een boterham.

Agnosie

Agnosie is een stoornis in het herkennen van objecten en personen. Iemand met dementie herkent de dagelijkse gebruiksvoorwerpen niet meer. Maar ook bekenden of familieleden worden op den duur niet meer herkend.

Wat is het verschil tussen vergeetachtigheid en dementie?

Vergeetachtigheid en dementie zijn niet hetzelfde. Vergeetachtigheid is een onschuldig verschijnsel waarbij iemand tijdelijk iets niet kan herinneren. Bij dementie is het alsof oude informatie voorgoed is verdwenen.


Vergeetachtigheid
Bij vergeetachtigheid is er sprake van 'normale' geheugenklachten. Een naam van een kennis waar u even niet op kan komen. Vaak schiet het u later te binnen of herkent u de naam feilloos als iemand anders het noemt. Vergeetachtigheid verstoort het dagelijkse leven niet. Iemand die vergeetachtig is, kan het huishouden doen, de financiën regelen en een reis ondernemen.

Dementie
De symptomen van dementie zijn vele malen ernstiger. Iemand met dementie vergeet niet alleen de naam van een kennis, maar herkent hem helemaal niet. Het is alsof de informatie uit het geheugen is verdwenen. Iemand met dementie verdwaalt in een bekende omgeving en vergeet essentiële dingen, bijvoorbeeld hoe je een boterham moet smeren. Voor een dementerende zijn veel dagelijkse handelingen al gauw te moeilijk.

Bekijk hier de tien signalen van dementie, of bestel de brochure Vergeetachtig? of Dement? in de webwinkel.

Wanneer moet u naar de dokter?

Maakt u zich zorgen over uw vergeetachtigheid of die van een ander? Wees verstandig en neem tijdig contact op met uw huisarts.


Vergeetachtigheid of dementie
Maakt u zich zorgen over uw geheugen? In dat geval is het raadzaam om contact op te nemen met uw huisarts. Uw arts zal samen met u naar de oorzaak zoeken van uw vergeetachtigheid. Vergeetachtigheid kan een gevolg zijn van stress of een bijwerking van een medicijn. In zulke gevallen is vergeetachtigheid goed behandelbaar. Als de huisarts dementie vermoedt zal hij dit zorgvuldig onderzoeken en u doorverwijzen naar specialisten.

Bekijk ook de tien signalen van dementie en test uw eigen geheugen of dat van een naaste op www.geheugentest.nl.

Tijdige diagnose
Een vroegtijdige diagnose van dementie is belangrijk. Als de diagnose dementie tijdig gesteld wordt, kan iemand nog zelfstandig zaken voor de toekomst regelen. Ook geeft de diagnose vaak rust en duidelijkheid voor alle betrokkenen. Daarnaast kunnen medicijnen in bepaalde gevallen het ziekteproces vertragen.

 

Merkt iemand zelf dat hij dementeert?

Dat kan. Iemand die lijdt aan dementie weet in het begin soms niet wat er aan de hand is, maar beseft wel dat er iets mis is. Dit roept vaak angst op.


Angst
Door het geheugenverlies zal iemand met dementie het gevoel van houvast en tijd verliezen. Dit roept angst op, waarop hij kan reageren met agressie en achterdocht, of juist met pessimisme. Hij kan proberen de wereld 'kloppend' te maken door bijvoorbeeld anderen de schuld te geven als hij iets kwijt is. Ook kan hij zich vastklampen aan zijn partner of het verleden om zich veilig te voelen. Lees ook ons informatief over Depressie en angst.

Gedragsproblemen
Iemand met dementie heeft niet alleen geheugenklachten. Hij krijgt ook te maken met taal-, herkennings- en gedragsproblemen. Ook zal zijn dagelijks functioneren achteruitgaan. Door dit besef kan hij emotioneel, labiel of somber worden. Hij maakt zich zorgen over geplande uitjes of het ontmoeten van vrienden. Ook kan hij lusteloos en onverschillig overkomen.

 

Wat als de huisarts u niet serieus neemt?

Als uw huisarts denkt dat u zich onterecht zorgen maakt, is er waarschijnlijk niks aan de hand. Voordat u verdere stappen onderneemt is het daarom handig om eerst meer informatie in te winnen.


Op deze website leest u meer over de symptomen van dementie. U kunt uw zorgen natuurlijk ook bespreken met iemand in uw omgeving die dementie zelf van dichtbij heeft meegemaakt, of u kunt eens een Alzheimer Café bezoeken of de Alzheimertelefoon bellen. Als u zich daarna nog steeds zorgen maakt, zet dan uw zorgen op papier. De lijst hieronder kan u helpen een gesprek met de huisarts voor te bereiden.
 

- Is het geheugen volgens u de laatste tijd achteruitgegaan?
- Kan hij makkelijk meedoen aan een gesprek?
- Vervalt hij in herhalingen?
- Kan hij zich goed uitdrukken en duidelijk verstaanbaar maken?
- Vertoont hij af en toe vreemd gedrag? (Zet hij de eieren bijvoorbeeld in het vriesvak of de vuile kopjes in de servieskast?)
- Verlopen vakanties anders dan vroeger?
- Is het aanleren van nieuwe vaardigheden moeilijker? (bijvoorbeeld het bedienen van nieuwe apparaten)
- Gaan de dagelijkse handelingen hem goed af? Kan hij zich bijvoorbeeld goed aankleden, of trekt hij bijvoorbeeld wel eens twee verschillende schoenen aan?
- Vergeet hij de plek wel eens waar hij net geweest is?
- Slaapt hij op andere tijden en is hij op andere tijden wakker?
- Is zijn karakter de afgelopen tijd veranderd?

Bekijk ook de tien signalen van dementie en test uw eigen geheugen of dat van een naaste op www.geheugentest.nl.

Neemt de huisarts u nog steeds niet serieus, dan kunt u een second opinion aanvragen bij een andere huisarts. Bedenk goed waarom u een second opinion wil en bespreek dit zo mogelijk met uw huisarts. Hij kan een andere arts voor u vinden  en zonodig een brief schrijven en/of uw medische gegevens doorsturen.

 

Wat betekent dementie voor jonge mensen met dementie?

Bij jonge mensen duurt het vaak lang voordat de diagnose dementie gesteld wordt. Symptomen worden niet herkend, wat tot veel onzekerheid en spanningen kan leiden. Ook hebben jonge mensen nog andere rollen in de maatschappij.


Eerste problemen
De eerste problemen ontstaan vaak op het werk. Het werk komt niet meer af en het werk kost veel meer tijd en energie dan voorheen. Iemand kan ook meer problemen krijgen in het bedienen van apparaten, zoals de computer. Ook thuis merken mensen veranderingen, zo kan het eten koken een probleem worden.

Moeizame diagnose
Deze veranderingen worden niet direct herkend als verschijnselen die bij een dementie horen. Overspannenheid, depressie en relatieproblemen zijn de eerste diagnoses. Vaak gaan er een aantal jaren en bezoeken aan verschillende specialisten overheen voor de diagnose dementie wordt gesteld.

Verliezen van de regie
Het verliesproces waar een jong dementerende mee te maken krijgt is veelomvattend en ingrijpend. Meer nog dan bij ouderen vanwege de actieve rol die hij speelt in de maatschappij. Hij zal niet snel zijn positie als kostwinner en opvoeder willen opgeven, noch rollen en verantwoordelijkheden zoals bijvoorbeeld ten aanzien van geldzaken of autorijden, willen verliezen.

Onzekerheid
Door de veranderingen in de hersenen worden mensen dagelijks geconfronteerd met vreemde gewaarwordingen. Vaardigheden die men al bijna het hele leven lang kan, lukken ineens niet meer, vertrouwde routes lijken ineens vreemd, men vindt gebruiksvoorwerpen op vreemde plaatsen terug, kortom men kan niet meer op het eigen hoofd vertrouwen. Dit zorgt voor veel onzekerheid. Deze onzekerheid laat niet iedereen zien. De meeste mensen willen zo goed mogelijk verder leven en doen naar de buitenwereld alsof er niet veel aan de hand is. Toch zijn er ook veel jonge mensen met dementie die over hun ziekte kunnen en willen praten. Het kan hen goed doen om met lotgenoten te praten over het leven met dementie. Voor hen zijn speciale gespreksgroepen gestart.

Bekijk het overzicht met voorzieningen voor jonge mensen met dementie.

 

Wat kan ik doen aan agressieve buien?

Mensen met dementie kunnen zich boos of agressief gedragen. Iemand met dementie kan zich agressief gedragen omdat hij (of zij) zijn gewone gevoelens niet meer op een gewone manier kan uiten.

Het is belangrijk dat u zich realiseert dat de agressie meestal niet tegen u persoonlijk is gericht, maar dat het een verschijnsel van de ziekte is. Dit komt doordat het beoordelingsvermogen en zelfcontrole zijn door de ziekte zijn afgenomen. Hierdoor kan iemand een situatie verkeerd begrijpen en zich bedreigd voelen. Onthoud dat hij de agressieve reactie niet in de hand heeft. Er is veel frustratie bij mensen met dementie. De grip op het dagelijks leven wordt minder, gewone handelingen lukken niet zo goed meer, anderen bemoeien zich voortdurend met hen en bepalen wat goed voor hen is. Verder gebeurt het regelmatig dat mensen binnen het territorium van iemand komen zonder dat de persoon met dementie begrijpt waarom ze dat doen. Voor iemand die zijn hele leven voor zichzelf is opgekomen, is afhankelijk zijn krenkend, vooral als iemand niet begrijpt wat er aan de hand is.

Dementerende mensen worden vaak geconfronteerd met eigen onvermogen. Er zijn verschillende factoren die de kans vergroten dat mensen agressief reageren. Veel agressieve reacties komen voor als iemand met dementie lichamelijk wordt verzorgd. Angst en schaamte, maar ook frustratie omdat hij (of zij) zichzelf niet meer kan verzorgen zijn dan de oorzaak. Ook kan het een paniekreactie zijn als er te veel of te hoge eisen aan hem worden gesteld of omdat hij eenvoudige taken niet meer kan uitvoeren. Agressief gedrag kan een manier zijn om zichzelf te beschermen.

Hoe uit agressie zich?
Agressie kan op verschillende manieren worden geuit: in verbale agressie (schelden, bedreigen, spotten, insinueren, dreigen, ongewenste seksuele opmerkingen maken, enzovoort) of non-verbale agressie (stompen, kapot gooien van dingen, schoppen, slaan, bijten, kopstoten geven, knijpen, spugen, anderen ongewenst aanraken, enzovoort).

Wat kunt u doen?
Als u kunt ontdekken wat de aanleiding voor de boosheid is, kunt u misschien de agressieve reacties voor zijn. Afhankelijk van wat u denkt dat de oorzaak is, kunt u het volgende proberen: 

-zorg voor een rustige dagelijks routine;
-stel minder eisen; 
-neem tijd om uit te leggen wat er gebeurt; 
-voorkom haast of ongeduld;
-spreek uw waardering uit voor de dingen die hij doet en vraag hem u te helpen bij karweitjes; 
-laat haar energie kwijtraken: wandelen, in de tuin werken, enz;
-raadpleeg uw huisarts bij vragen

Tips voor het moment
Preventieve maatregelen werken helaas niet altijd. Op het moment dat het gedrag uit de hand dreigt te lopen, kunt u het volgende doen:

-Blijf rustig, maak oogcontact en laat niet merken dat u bang bent.
-Vertel op rustige toon dat niemand hem kwaad wil doen. 
-Ga niet in discussie
-Houd voldoende afstand en pak hem niet vast.
-Probeer hem af te leiden, bied wat te drinken aan of praat over iets anders. 
-Geef hem de kans naar een open ruimte te lopen.
-Verlaat zo nodig de kamer.

Als agressieve reacties vaak voorkomen of heel ernstig zijn, kunnen kalmerende medicijnen uitkomst bieden. Ga nooit zelf experimenteren, maar overleg met de behandelende arts.

Lees voor meer tips het informatief over agressief gedrag.

 

Hoe ga ik met onrustig gedrag om?

Bij veel mensen met dementie komt onrustig gedrag voor. Ook agressie en prikkelbaarheid treden bij ongeveer de helft van de mensen met dementie op. Mensen met dementie dwalen bijvoorbeeld doelloos rond, of willen steeds terug naar huis of naar hun ouders, trommelen met de vingers, schuifelen met de voeten, schuiven laden open en dicht, of 'ijsberen' door het huis. Dit kan voor zowel de persoon met dementie als de omgeving erg vermoeiend zijn.

Oorzaken
Het lijkt vaak alsof mensen met dementie zich doelloos of impulsief gedragen. Vaak reageren zij hiermee wel degelijk op hun omgeving. Met hun gedrag maken zij duidelijk wat ze voelen of nodig hebben, vooral als zij het niet meer onder woorden kunnen brengen.

Het is belangrijk uit te sluiten dat de persoon met dementie pijn of honger heeft, vermoeid of uitgedroogd is of aan een verstopping of infectie lijdt. Ook verandering van medicatie of verkeerde medicijncombinaties kunnen onrust veroorzaken.

Omgaan met onrustig gedrag
Om te leren omgaan met onrustig gedrag, zijn de onderstaande vragen behulpzaam:

Aanleiding
-Waar en wanneer trad het gedrag op?
-Gebeurde er iets (bijzonders) in de directe omgeving?

Gedrag
-Welke vorm nam het gedrag aan? Is het nog steeds hetzelfde?
-Hield het gedrag vanzelf op? Kwam het snel weer terug?

Gevolgen
-
Hoe reageerde de omgeving?
-Hoe reageerde de patiënt hierop?

Wat kunt u doen?
-Vaak is de onrust een reactie op bijvoorbeeld verkeerde verlichting, lawaai of de inrichting van de ruimte. Noteer wanneer, waar en bij welke activiteit een bepaald gedrag optrad, en probeer de situatie te wijzigen of vermijden.

-Negatieve of corrigerende reacties van de omgeving kunnen de onrust verergeren. Stel minder eisen aan de patiënt en biedt hulp aan op een onopvallende manier, zonder aandringen.

-Zorg voor een rustige dagelijkse routine. Deel taken op in overzichtelijke stappen.

-Mocht onrustig gedrag toch optreden, blijf dan rustig, ga de confrontatie niet aan en laat niet merken dat u bang bent. Maak oogcontact met de dementerende.


Lees voor meer tips het informatief over Onrustig gedrag.  

 

Deel ervaringen met
lotgenoten online!
Zoeken naar:
Een Alzheimer café
bij u in de buurt
Zoeken naar:
Een Alzheimer afdeling
bij u in de buurt
 

Vragen over
dementie?
Bel de Alzheimer
telefoon

030 - 656 7511

24 uur per dag bereikbaar

Wij willen de zorg voor u beter maken!

Alzheimer Nederland werkt samen met landelijke, provinciale en gemeentelijke overheden en zorgverzekeraars om de zorg te verbeteren. Dan kan niet zonder uw verhaal!

Help ons en vertel uw ervaringen