Combinatie geheugenproblemen én depressieve klachten behandelen

32% van de mensen met geheugenproblemen heeft last van depressieve klachten. Daar komt bij dat deze kwetsbare groep slecht reageert op behandeling van de depressie. Reden genoeg voor Marij Zuidersma om onderzoek te doen hoe dat beter kan. Ze heeft 12 mensen met geheugenproblemen en depressieve klachten intensief gevolgd om achter individuele verschillen te komen. Juist deze persoonlijke verschillen kunnen belangrijk zijn voor een succesvolle behandeling van depressieve klachten. Alzheimer Nederland heeft samen met MIND het onderzoek van Marij Zuidersma mogelijk gemaakt. 

Zuidersma volgde de 12 mensen met geheugenproblemen en depressieve klachten over een periode van negen weken. De deelnemers droegen een horloge om beweging te meten en ze vulden twee keer per dag een online dagboek in. In het dagboek gingen er vragen over stemming en geheugenproblemen. Ook gingen er vragen over andere factoren die kunnen samenhangen met een depressie, bijvoorbeeld over slaap, lichaamsbeweging en sociaal contact. Dit worden ook wel ‘triggers’ genoemd, dingen die depressieve klachten voorafgaan.   

Vernieuwend onderzoek: elke deelnemer apart bekijken  

Het belangrijkste resultaat is dat elke deelnemer andere triggers voorafgaand de depressieve klachten laat zien. Bij de één was bijvoorbeeld weinig slaap een trigger voor depressieve klachten, bij een ander was dit te veel slaap. ‘Deze individuele verschillen hadden we ook wel verwacht. Maar in dit onderzoek kunnen we precies zien wat de triggers per persoon zijn. Dat is ook zo vernieuwend aan dit onderzoek. In andere onderzoeken kijken ze vaak naar gemiddeldes van een groep personen, wij hebben echt naar het individu gekeken. Het persoonlijke eindrapport deelden we ook met de persoon en de behandelaar. Ongeveer de helft van de deelnemers gaf aan dat dit heel overzichtelijk was en hen hielp.’ 

Behandeling aanpassen op persoonlijke verschillen, is dat haalbaar? 

Als je de persoonlijke triggers weet, dan kun je de behandeling daarop aanpassen. Dat klinkt makkelijk, maar in de praktijk zitten er wat haken en ogen aan. ‘We merkten in het onderzoek dat er maar een kleine groep is die mee wilde doen. Je vraagt toch veel van mensen, twee keer per dag een dagboek invullen is vrij intensief. De mensen die meededen waren heel positief, maar er is dus een grote groep mensen die je niet bereikt. Daarnaast is het niet zeker of de persoonlijke aanpak beter werkt dan de huidige behandelingen. Verschillende onderzoeken lopen nog om dat te achterhalen.’ 

Zelf een dagboek bijhouden  

Het kan volgens Zuidersma nooit kwaad om zelf een dagboek bij te houden als je last hebt van depressieve klachten. Zo kun je een overzicht krijgen van je klachten en triggers. ‘Maak het niet te ingewikkeld. Houd bijvoorbeeld je slaap, stemming, beweging of sociale interactie bij. Of kijk of een bepaalde hobby invloed heeft op je stemming. Als je het lastig vindt, kun je het samen met iemand anders invullen. Misschien ontdek je zelf al een patroon wat bij jou wel of niet goed werkt. Dit dagboek kun je ook meenemen naar je arts of behandelaar. Zo kun je voorbereid naar het gesprek over je geheugenklachten en depressieve klachten.’ 

Dit nieuwsbericht is gepubliceerd door