Om ziekteprocessen die dementie veroorzaken beter te begrijpen is fundamenteel onderzoek nodig. Dit kan leiden tot betere diagnostiek, preventie en/of behandeling van de ziekte. In de innovatieve ronde kunnen onderzoekers voorstellen indienen bij Alzheimer Nederland voor financiering van hun onderzoek. Deze voorstellen worden beoordeeld door onafhankelijke wetenschappers uit Nederland, Frankrijk en Duitsland waarna de beste onderzoeken gefinancierd worden.

Innovatieronde 2018

In 2018 heeft Alzheimer Nederland voor 13 onderzoeksprojecten financiering toegekend. Het totale bedrag wat Alzheimer Nederland daarmee aan de onderzoeken geeft is € 1.685.000. Hieronder vindt u een samenvatting de projecten.

Stress en voeding op jonge leeftijd en effect op dementie

Omgevingsfactoren – zoals stress, lichaamsbeweging en dieet – spelen een belangrijke rol bij het ontwikkelen van dementie. Onderzoek heeft aangetoond dat ook op vroege leeftijd (de periode na de geboorte) de omgeving invloed heeft op de kans om later dementie te ontwikkelen. Voornamelijk stress in deze kwetsbare periode heeft nadelige effecten en verhoogt de kans op geheugenproblemen op latere leeftijd.

Onderzoekers hebben aangetoond in muizen dat een goed dieet met een goede verhouding omega 3/6 vetten de nadelige effecten van stress op vroege leeftijd kunnen opheffen. Het doel van dit onderzoek is om te bestuderen op welke leeftijden dit dieet bescherming kan bieden tegen de ziekte van Alzheimer of andere vormen van dementie. De onderzoekers willen ook bestuderen hoe het komt dat dit dieet beschermend werkt.

Op de lange termijn kan meer kennis over de vroege omgevingsfactoren van stress en voeding leiden tot preventieve voedingsadviezen om zo de kans op dementie op latere leeftijd te verkleinen.

Aanvrager: Paul Lucassen
Werkzaam bij: Universiteit van Amsterdam
Originele titel: Early diet and stress modulate Alzheimer changes via microglia and synapses.
Start: 01/04/2019
Duur: 4 jaar
Gevraagde bijdrage aan Alzheimer Nederland: Major Grant € 200.000

Afvalverwerking in de hersenen

In de hersenen bevindt zich hersenvocht waarin afvalstoffen worden afgevoerd. Bij een slecht werkend afvoersysteem zullen deze afvalstoffen zich in de hersenen ophopen. Dit verstoort de verbindingen tussen de hersencellen en geeft schade. Bij de ziekte van Alzheimer werkt het afvoersysteem waarschijnlijk ook niet goed. Het doel van deze studie is om te kijken in hoeverre de afvoer van afvalstoffen een rol speelt bij de ziekte. Hiervoor willen de onderzoekers met MRI de afvoersystemen van gezonde mensen en mensen met verschillende stadia van de ziekte van Alzheimer vergelijken.

Dit onderzoek kan mogelijk aangeven of het afvoersysteem een belangrijke rol speelt bij de ziekte van Alzheimer en misschien een goed manier is om de ziekte in de toekomst te behandelen. Anderzijds zou het ook een mogelijke manier zijn om de ziekte te monitoren en om te onderzoeken of nieuwe medicatie het afvoersysteem kan verbeteren en de ziekte kan vertragen.

Aanvrager: Jacobus Jansen
Werkzaam bij: MUMC
Originele titel: Glymphatic dysfunction and cognitive impairment: a memory clinic study
Start: 01/01/2019
Duur: 4 jaar
Gevraagde bijdrage aan Alzheimer Nederland: Major Grant € 200.000

Oxytocine tegen de ziekte van Alzheimer

Tijdens het leven kunnen kleine veranderingen in het DNA plaatsvinden die ook wel ‘epigenetische veranderingen’ worden genoemd. Hierdoor verandert het DNA een beetje waardoor een gen minder of juist meer wordt gebruikt.

Bij mensen met de ziekte van Alzheimer verandert het oxytocine gen vaker dan bij gezonde mensen. Hierdoor wordt het hormoon oxytocine minder aangemaakt. Oxytocine is een hormoon dat signalen in de hersenen doorgeeft. Zo kunnen er ook minder signalen doorgegeven worden in de hersenen wat de ziekte van Alzheimer mogelijk verergerd.

In dit onderzoek wordt er gekeken wat er gebeurd in muizen als de ‘epigenetische veranderingen’ ongedaan wordt gemaakt, of als er extra oxytocine wordt gegeven. Mogelijk kan het verhogen van de hoeveelheid oxytocine de symptomen van Alzheimer verminderen en ook in mensen een behandelingsmogelijkheid zijn.

Aanvrager: Daniel van den Hove
Werkzaam bij: Universiteit van Maastricht
Originele titel: In vivo epigenetic editing of Oxt in Alzheimer’s disease
Start: 01/01/2019
Duur: 3 jaar
Gevraagde bijdrage aan Alzheimer Nederland: Major Grant € 150.000

Biomarker voor het diagnosticeren van verschillende vormen van dementie

Dementie kan het gevolg zijn van veel verschillende ziektes. De meest voorkomende dementie is de ziekte van Alzheimer. Er bestaan ook vele andere vormen van dementie zoals  Lewy bodie dementie of Frontotemporale dementie. Elke dementie heeft een ander ziekteproces en daarmee ook een andere aanpak qua zorg, ondersteuning en behandeling. Het is dus belangrijk dat de diagnose goed wordt gesteld zodat. Omdat de symptomen soms sterk overlappen is een goede diagnose stellen vaak moeilijk. Er wordt soms laat of verkeerd gediagnosticeerd. Het is dus nodig om een diagnostische test te ontwikkelen die helder kan laten zien aan welke dementie iemand lijdt.

De hersenen worden omgeven door een vloeistof. De hersencellen voeren via deze vloeistof stoffen af. Welke stoffen dat zijn verschilt waarschijnlijk tussen verschillende ziekten. Het doel van dit onderzoek is om de stoffen uit de hersenvloeistof van patiënten met verschillende vormen van dementie te vergelijken. Hiermee kunnen hopelijk specifieke stoffen worden geïdentificeerd die bijvoorbeeld alleen bij de ziekte van Alzheimer voorkomen. Zo’n stofje zou dan een specifieke diagnose mogelijk kunnen maken.

Uiteindelijk zal een betere diagnose ervoor zorgen dat de persoon met dementie en de mantelzorgers de juiste ondersteuning krijgen maar ook dat geneesmiddelenonderzoek grondiger kan worden. Zo is het makkelijker om mensen te selecteren met precies dezelfde vorm van dementie. Zij kunnen behandeld worden met een medicijn dat ook gericht is tegen die vorm van dementie, waardoor de kans van slagen groter wordt.

Aanvrager: Charlotte Teunissen
Werkzaam bij: Amsterdam UMC
Originele titel: PRIDE: Protein identification for Discrimination of dEmentias
Start: 01/01/2019
Duur: 4 jaar
Gevraagde bijdrage aan Alzheimer Nederland: Major Grant € 200.000

Kaliumkanalen en de ziekte van Alzheimer

Bij de ziekte van Alzheimer sterven steeds meer hersencellen en dat is slecht voor het brein als geheel. Dit afsterven zorgt op zichzelf ook voor problemen, want hierbij komen veel schadelijke stoffen vrij.

Die schadelijke stoffen zijn slecht voor de hersencellen, maar de zogenaamde kaliumkanalen kunnen een deel van deze schade tegengaan. Kaliumkanalen zijn eiwitten die kalium door een membraam kunnen leiden. Dit is essentieel voor het doorgeven van elektrische signalen van zenuwcel naar zenuwcel. Ook zorgen kalium kanalen voor het verminderen van het effect van schadelijke stoffen op de mitochondriën - de energiefabriekjes van de cel.

De onderzoekers willen in gekweekte hersencellen bestuderen wat er met de kalium kanalen gebeurd bij de ziekte van alzheimer. Mogelijk zouden de kalium kanalen een aangrijpingspunt voor behandeling kunnen zijn om de functie van de zenuwcellen en mitochondriën te verbeteren en daarmee ziekteprocessen te vertragen.

Aanvrager: Amalia Dolga
Werkzaam bij: Universiteit van Groningen
Originele titel: The role of potassium SK channels in Alzheimer’s disease
Start: 01/01/2019
Duur: 3 jaar
Gevraagde bijdrage aan Alzheimer Nederland: Standard Grant € 100.000

Microglia en de ziekte van Alzheimer

Een synaps is de plek waar de ene zenuwcel contact maakt met een andere. Zo kan een elektrisch signaal van de ene zenuwcel worden overgedragen aan een andere. Eén van de eerste verschijnselen van de ziekte van Alzheimer is dat de synapsen minder goed functioneren en dat er veel van deze contactpunten verloren gaan. Als gevolg kunnen de zenuwcellen niet meer met elkaar ‘praten’ en gaan de hersenen minder goed functioneren.

Microglia zijn de afweercellen in de hersenen. Ze ruimen bijvoorbeeld afval en ziekteverwekkers op. Deze cellen spelen een belangrijke rol tijdens de ontwikkeling van het brein, maar in een gezond volwassen brein zijn ze niet meer erg actief. In de ziekte van Alzheimer lijken ze opnieuw actief te worden, waardoor ze synapsen gaan ‘opruimen’.

In dit onderzoek willen de onderzoekers de veranderingen in de microglia en synapsen gedurende het vroege ziekteverloop van Alzheimer in kaart te brengen. Zij bestuderen welke synapsen door microglia ‘opgeruimd’ worden en hoe dit precies gebeurd. Ook willen zij achterhalen of het schadelijke Alzheimereiwit amyloid de microglia mogelijk actief maakt.  

Meer inzichten in de activiteit van de microglia en de invloed die deze hebben op de synaps kan uiteindelijk ook weer leiden tot nieuwe therapie mogelijkheden ter behandeling van de ziekte van Alzheimer.

Aanvrager: Corette Wierenga
Werkzaam bij: Universiteit Utrecht
Originele titel: Linking amyloid
β-induced microglia activation and network hyperexcitability
Start: 01/07/2019
Duur: 3 jaar
Gevraagde bijdrage aan Alzheimer Nederland: Standard Grant € 100.000

Zeewier tegen alzheimer

Recent vonden de onderzoekers van het Erasmus MC een zeewiersoort die het geheugen van muizen met de ziekte van Alzheimer aanzienlijk verbetert. Ook vonden ze een grote afname van het alzheimereiwit amyloid. Het zeewier bevatte verschillende componenten die de aanmaak van schadelijke alzheimereiwitten beïnvloeden.  

De onderzoekers denken dat de stoffen in zeewier onder andere zorgen voor de aanmaak van eiwitten die ervoor zorgen dat de hoeveelheid cholesterol in de hersenen afneemt. Een teveel aan cholesterol is schadelijk voor hersencellen en verhoogd de aanmaak van schadelijke eiwitten.

Het doel van dit project is te onderzoeken of dit klopt en welke componenten in het zeewier bijdragen aan de gunstige effecten. Mogelijk kan dit leiden tot identificatie van zeewier-afgeleide componenten die ingezet kunnen worden voor de behandeling van de ziekte.

Aanvrager: Monique Mulder
Werkzaam bij: Erasmus MC Rotterdam
Originele titel: Multiple nuclear receptor activation in the treatment of Alzheimer’s disease
Start: 01/01/2019
Duur: 3 jaar
Gevraagde bijdrage aan Alzheimer Nederland: Cross-border (Duitsland) € 85.000

DNA en het risico op alzheimer

Ons DNA is te zien als een code. Deze code bepaalt hoe we eruit zien maar ook of we vatbaarder zijn voor bepaalde ziektes. Het verschil tussen vatbaar zijn voor een ziekte of niet, zit vaak maak in één ‘letter’ van de DNA code. De DNA code bestaat uit ‘genen’. Dit zijn eigenlijk recepten voor eiwitten zoals hemoglobine dat zuurstof in het bloed vervoerd of insuline dat zorgt voor de opname van suiker uit het bloed. Naast de genen is er ook veel DNA dat geen bekende functie heeft en tussen de genen ligt.

Soms is niet een verandering in een gen de oorzaak van een ziekte, maar ontstaat een ziekte doordat er iets mis gaat met de stukken DNA tussen de genen. Vaak wordt de DNA code dan foutief uitgebreid. Hierbij wordt een klein stukje DNA steeds herhaald. Er zijn in de cel een soort kleine apparaatjes die de DNA code ‘lezen’ en zorgen voor het maken van de eiwitten op basis van de DNA code. Voor deze apparaatjes zijn de herhalingen in de code alsof het DNA rotonden bevat. Dit is een relatief nieuwe ontdekking, en hoe deze rotondes precies tot ziekte leiden is nog niet opgehelderd.

Lange tijd hebben onderzoekers alleen naar de genen gekeken, want die zijn immers verantwoordelijk voor de aanmaak van eiwitten. In dit onderzoek wordt ook gekeken naar de tussenstukken. Kunnen we daar herhalingen vinden die dementie veroorzaken? Bij Frontotemporale dementie is al aangetoond dat dit inderdaad het geval is. Bij dit onderzoek gaan de onderzoekers kijken of dergelijke herhalingen ook sommige vormen van erfelijke Alzheimer veroorzaken. Dit zou nieuwe inzichten kunnen geven over de ontstaansmechanismen van de ziekte en op den duur kunnen helpen bij het ontwikkelen van nieuwe therapieën.

Aanvrager: Frank Jacobs
Werkzaam bij: Universiteit van Amsterdam
Originele titel: Identification of repeat expansions as genetic drivers of Alzheimer’s Disease
Start: 01/11/2018
Duur: 4 jaar
Gevraagde bijdrage aan Alzheimer Nederland: Major Grant € 200.000

De rol van eiwitten in het ontstaan van FTD

Frontotemporale dementie (FTD) is na de ziekte van Alzheimer de meest voorkomende vorm van dementie bij personen jonger dan 65 jaar. Recent is een nieuwe erfelijke oorzaak voor FTD gevonden, namelijk een genetische verandering in het C9ORF72 gen. Deze verandering veroorzaakt de productie van afwijkende eiwitten, die waarschijnlijk schadelijk zijn voor hersencellen. De precieze invloed van deze eiwitten op het ontstaan van FTD is echter onbekend.

De onderzoekers willen in zebravisjes kijken wat de effecten van de eiwitten zijn en hoe het FTD eventueel bevorderd. Daarnaast willen ze kijken of ze de effecten van deze eiwitten kunnen verminderen door medicijnen toe te dienen, die hersencellen beschermd tegen schade . Kennis over de oorzaak van FTD zou in de toekomst kunnen leiden tot de ontwikkeling van betere diagnostiek, nieuwe medicijnen of andere vormen van behandeling.

Aanvrager: Rob Willemsen
Werkzaam bij: Erasmus MC Rotterdam
Originele titel: Role of dipeptide repeat proteins in C9orf72-linked FTD using a zebrafish model
Start: 01/01/2019
Duur: 3 jaar
Gevraagde bijdrage aan Alzheimer Nederland: Standard Grant € 100.000

Het beloop van alzheimer in kaart

Bij de ziekte van Alzheimer kunnen hersencellen minder goed signalen aan elkaar doorgeven via de zogeheten ‘synapsen’. Dit is de ruimte tussen de hersencellen waar de cellen signalen met elkaar uitwisselen. Later gaan ook de zenuwuitlopers van de cellen kapot wat de communicatie nog verder bemoeilijkt. Het is nog niet bekend of we aan stofjes in het hersenvocht deze schade aan de synapsen of uitlopers kunnen meten. Dit soort stofjes worden biomarkers of signaalstoffen genoemd.

Om doelgerichte therapieën te ontwikkelen is het van belang om alle ziekteprocessen die een rol spelen bij Alzheimer te begrijpen. Eventuele signaalstoffen voor deze processen zouden kunnen worden gebruikt om de ziekte te volgen, of om te kijken of medicijnen werken.

De onderzoekers hebben bij mensen in de eerste stadia van dementie, eiwitten gevonden die inderdaad lijken aan te geven dat de synapsen beschadigd zijn. Zij willen kijken of deze eiwitten verder verhoogt raken naarmate de ziekte vordert. Dan zijn deze signaalstoffen geschikt om het beloop van de ziekte over de tijd te kunnen bepalen. Daarnaast willen de onderzoekers een signaalstof vinden die de schade van de zenuwuitlopers in kaart kan brengen.

Op deze manier kunnen de onderzoekers een uitgebreid beeld krijgen van de schade in de synapsen en de schade van de uitlopers en zien hoe deze een rol spelen bij de ziekte van Alzheimer. Ook kunnen deze signaalstoffen worden gebruikt voor diagnostiek, of om te kijken of medicijnen werken en de schade vertragen.

Aanvrager: Flora Duits
Werkzaam bij: Amsterdam UMC
Originele titel: Beyond amyloid: trajectories of potential novel biomarkers using serial CSF
Start: 01/01/2019
Duur: 3 jaar
Gevraagde bijdrage aan Alzheimer Nederland: Pilot Grant € 50.000

Alzheimereiwit in de bloedvaten

Cerebrale amyloïd angiopathie (CAA) is een veel voorkomende ziekte die zich kenmerkt door ophopingen van het schadelijke alzheimereiwit amyloid rondom de bloedvaten in de hersenen. Het gevolg hiervan is dat zuurstof uit het bloed minder makkelijk de hersencellen kan bereiken. De alzheimereiwitten beschadigen ook de bloedvaten, waardoor gemakkelijker hersenbloedingen ontstaan.

Uit onderzoek blijkt dat bij mensen met de ziekte van Alzheimer, deze opstapeling van eiwitten in de bloedvaten veel voorkomt. Er zijn zelfs sterke aanwijzingen dat de ziekte van Alzheimer begint bij schade aan de bloedvaten, zoals bij CAA.

Met een nieuwe MRI methode kan CAA worden vastgesteld. Men kijkt dan naar de zuurstofopname door hersencellen. Wanneer deze is verminderd, is dat een sterke aanwijzing voor CAA. De onderzoekers willen met deze methode de ernst van amyloidstapeling in de bloedvaten vaststellen bij mensen in verschillende stadia van de ziekte. 1) Bij MCI en SCD, twee voorstadia van de ziekte van alzheimer, 2) bij mensen met alzheimer op jonge leeftijd, 3) bij mensen met alzheimer op latere leeftijd en 4) bij gezonde controles. Zo wil men de rol van CAA bij alzheimer ophelderen. Wanneer inderdaad blijkt dat CAA een grote rol speelt bij de ernst van de ziekte. Dan kan deze MRI methode ook worden gebruikt om de effecten van medicatie tegen CAA te beoordelen.

Aanvrager: Sanneke van Rooden
Werkzaam bij: Leiden UMC
Originele titel: Untangling the vascular component of dementia
Start: 01/01/2019
Duur: 4 jaar
Gevraagde bijdrage aan Alzheimer Nederland: Major Grant € 200.000

Vaatschade en alzheimer

De ziekte van Alzheimer kan tegenwoordig steeds beter al in een vroeg stadium worden vastgesteld. Bijvoorbeeld door bepaalde eiwitten in het hersenvocht aan te tonen en doordat specifieke hersendelen op een hersenscan krimpen bij deze ziekte. Deze uitslagen van testen hangen samen met een achteruitgang in geheugen en andere denkprocessen. Echter bij mensen van middelbare en oudere leeftijd spelen ook vaatproblemen een belangrijke rol bij de hersengezondheid. Zo is bekend dat hoge bloeddruk, diabetes, overgewicht en roken slecht zijn voor de bloedvaten en dat dit ook de hersengezondheid kan beïnvloeden.

Het is nog onduidelijk hoe deze vaatproblemen samenhangen met de ziekte van Alzheimer en hoe beide schadelijke processen elkaar beïnvloeden. Dit is echter belangrijk om te weten want met die kennis kunnen artsen mensen met de ziekte van Alzheimer en vasculaire problemen beter vertellen hoe het beloop van de ziekte zal zijn. Kortom mensen weten dan of de ziekte waarschijnlijk snel of juist langzaam zal verlopen. Wanneer er in de toekomst medicijnen zijn, kan goed inzicht in de ziekteprocessen artsen ook helpen om een  behandeling op maat te kiezen.

Aanvrager: Stephanie Vos
Werkzaam bij: Universiteit van Maastricht
Originele titel: Individualized Alzheimer Research Criteria (IARC): a Dutch-German Initiative
Start: 15/02/2019
Duur: 3 jaar
Gevraagde bijdrage aan Alzheimer Nederland: Cross-border (Duitsland) € 50.000

Zeer gevoelige MRI voor alzheimerdiagnose

Onderzoek heeft laten zien dat in een heel vroeg stadium van alzheimer, er al schade optreedt in een gebied bij de hersenstam wat “locus coeruleus” heet. Het doel van dit project is om deze eerste hersenveranderingen bij de ziekte van Alzheimer zichtbaar te maken in levende mensen. De onderzoekers hebben hiervoor een geavanceerde MRI scan ontwikkeld die het mogelijk maakt om de “locus coeruleus” in kaart te brengen in levende mensen. Met deze MRI scans zouden mogelijk de eerste hersenveranderingen bij de ziekte van Alzheimer gedetecteerd kunnen worden.

De onderzoekers willen gaan testen of het ze lukt om de krimp van dit gebied in kaart te kunnen brengen en hiermee mensen in een vroeg stadium van de ziekte te kunnen vinden. Een enorme uitdaging omdat de locus coeruleus zeer klein is. Ongeveer zo groot als één stuk van een zandkorreltje dat in duizend stukjes is gebroken.  

Uiteindelijk kan het in kaart brengen van vroege hersenveranderingen het begrip van de ziekteprocessen vergroten en leiden tot betere diagnostiek. Zo kunnen mensen vroeg in de ziekte behandeld worden wat de kans van slagen van de behandelingen vergroot omdat de schade in de hersenen minder is dan in een verder gevorderd stadium van de ziekte.

Aanvrager: Whitney Freeze
Werkzaam bij: Universiteit van Maastricht
Originele titel: Focus on locus coeruleus as biomarker: ex-vivo correlates of 9.4T MRI contrast
Start: 15/02/2019
Duur: 3 jaar
Gevraagde bijdrage aan Alzheimer Nederland: Pilot Grant € 50.000

Innovatieronde 2017

Alzheimer Nederland heeft eind 2017 toegezegd twaalf onderzoeken te ondersteunen met in totaal € 1.348.140. De onderzoeken hebben een hoog innovatief karakter en zijn gericht op het genereren van nieuwe kennis over dementie. De twaalf onderzoeken zijn divers van karakter. Van onderzoek naar betere diagnostiek via een bloedtest tot onderzoek naar onder andere de invloed van bacteriën in de darmen, depressie en luchtvervuiling op de ziekte van Alzheimer. Alle onderzoeken hebben als doel om bij te dragen aan een beter begrip van de ziekte, wat moet leiden tot doorbraken op het gebied van diagnostiek, preventie of behandeling.
 

De twaalf onderzoeken

In het onderstaande overzicht leest u een korte samenvatting van de twaalf projecten die zijn gestart door een subsidie van Alzheimer Nederland.

Depressie en risico op dementie

Een groot deel van de mensen met dementie heeft ook last van een depressie. En mensen met een depressie op latere leeftijd hebben een groter risico op dementie. Depressie en dementie lijken onlosmakelijk met elkaar verbonden.

Dit onderzoek gebruikt gegevens van een grote IJslandse studie onder 4500 ouderen die gemiddeld negen jaar zijn gevolgd. Hiermee wordt gekeken naar de gevolgen van een depressie. Hoe verhoogt dit het risico op dementie? Hebben ze een gezamenlijke oorzaak? En kan schade aan hersenvaten eerst resulteren in depressie en later ook dementie veroorzaken? Of komt het vaker voor dat stresshormonen die vrijkomen bij een depressie, schadelijk zijn voor de hersenen en zo het risico op dementie vergroten?   

Met deze studie weten we meer over depressie en dementie. Wat is het verband? Hoe herkennen we mensen met een depressie en een extra risico op dementie? En wanneer is een depressie juist een eerste symptoom van een aanwezige dementie? Met het antwoord op deze vragen kunnen we waarschijnlijk werken aan betere preventie van dementie en tijdige behandeling van dementie en depressie.

Originele Titel: Late-life depression and risk of dementia: establishing underlying pathways
Hoofdonderzoeker: Mirjam Geerlings
Instituut: University Medical Center Utrecht
Gevraagde bijdrage aan Alzheimer Nederland: € 100.000
Start: mei 2018
Looptijd: 24 maanden

Actieve hersencellen en dementie

Het schadelijke alzheimereiwit ‘amyloid’, wordt vaak aangetroffen in de hersenen van mensen met de ziekte van Alzheimer. Toch zijn er ook mensen die ondanks amyloid geen last hebben van geheugenproblemen. Bevolkingsonderzoek laat zien dat mensen met een hoge opleiding, gemiddeld later dementie krijgen. De vraag is daarom, hoe beschermt leren tegen dementie?

Eerder onderzoek liet zien dat amyloid vooral schadelijk is voor verbindingen tussen hersencellen (synapsen), die weinig actief zijn. Deze inactieve verbindingen bevatten veel van het eiwit GluA3. Actieve hersencellen hebben juist minder GluA3. De jonge jeugd heeft veel invloed op hoe effectief hersenen kunnen leren. Tijdens dit onderzoek wordt gekeken of stressvolle gebeurtenissen tijdens het vroege leven, invloed hebben op GluA3 in de hersenen en of dit invloed heeft op de gevoeligheid van de hersenen voor GluA3. Ook wordt de hoeveelheid GluA3 kunstmatig verlaagd. In beide situaties wordt gekeken hoe dit van invloed is op de hersenen van muizen met het Alzheimer-gen.  

Dit onderzoek leert ons meer over onze vroegste ervaringen en het effect op het risico op dementie. Door opheldering van dit mechanisme, krijgen we kennis in handen die belangrijk is voor preventie van dementie door levensstijl. Mogelijk levert dit onderzoek ook aanknopingspunten voor behandeling op. Kunnen we de hersenen minder gevoelig maken voor amyloid?              


Originele titel: The early life environment and Alzheimer's Disease
Hoofdonderzoeker: Harmen Krugers
Instituut: University of Amsterdam
Gevraagde bijdrage aan Alzheimer Nederland: € 100.000
Start: januari 2018
Looptijd: 24 maanden

Bloedtest om alzheimer op te sporen

Op het moment dat bij patiënten de eerste klachten ontstaan, blijkt de ziekte van Alzheimer al 20 jaar gaande te zijn. Als de patiënt naar de dokter gaat, is er al veel schade aan de hersenen aangericht. Het is mogelijk dat medicijnstudies bij alzheimer niet slagen doordat de schade in de dementiefase al te vergevorderd is. De sleutel naar het remmen, stoppen of zelfs omkeren van het ziekteproces kan waarschijnlijk liggen in het zo vroeg mogelijk ingrijpen. Van buiten lijken mensen nog gezond, maar in de hersenen is de ziekte al begonnen. Hoe moeten we deze mensen vinden?

Er zijn technieken om alzheimerschade bij gezonde mensen op te sporen. Deze technieken zijn echter best ingrijpend, denk aan een ruggenprik of aan een PET-hersenscan. Die bovendien erg duur zijn. Een test in bloed zou enorm helpen om dit probleem op te lossen, maar tot nu toe bleken deze testen niet betrouwbaar. De onderzoekers willen dit oplossen door het inzetten van nieuwe technieken die tot 1000x gevoeliger, zeer kleine hoeveelheden eiwit kunnen meten. Bovendien richten ze zich niet op één eiwit, maar op zes eiwitten die betrokken zijn bij de ziekte van Alzheimer en schade aan de hersencellen.

Als ons project slaagt, dan helpt ons bloedpanel om patiënten in een hele vroege fase van de ziekte op te sporen en misschien zelfs hun ziektebeloop te kunnen voorspellen. Dit heeft voordelen. Medicijnstudies kunnen het bloedpanel gebruiken om op een goedkopere, efficiëntere en patiëntvriendelijkere manier geschikte kandidaten te identificeren voor hun studies. Bovendien kan het identificeren van patiënten in vroege stadia van de ziekte, het onderzoek naar de oorzaken van de ziekte weer bevorderen.        


Originele Titel: Blood-based biomarkers as screening tool for early AD pathological changes.
Hoofdonderzoeker: Wiesje van der Flier
Instituut: VUmc Alzheimer Centrum
Gevraagde bijdrage aan Alzheimer Nederland: € 200.000
Start: januari 2018
Looptijd: 48 maanden

Beïnvloeden van het netwerk van hersencellen

De hersencellen in het brein vormen een enorm netwerk van miljarden met elkaar verbonden cellen. De ziekte van Alzheimer beschadigt dit netwerk, met symptomen als geheugenverlies tot gevolg. Ook de ernst van de verschijnselen lijkt samen te hangen met de ernst van de beschadigingen aan het netwerk.

Schakelneuronen zijn zenuwcellen die andere zenuwcellen met elkaar verbinden. Er zijn schakelneuronen om belangrijke signalen te stimuleren en schakelneuronen om signalen te remmen. Een bepaald type remmende schakelneuronen lijkt zeer gevoelig voor schade door alzheimerprocessen en ontregelen zo het hele netwerk. Eerder onderzoek toonde aan dat het minder actief maken van deze neuronen geheugenproblemen herstelt. 

Bij een speciaal type alzheimermuis, kunnen de remmende schakelneuronen worden geactiveerd of uitgeschakeld. De onderzoekers willen met dit model meer inzicht krijgen in de rol van schakelneuronen bij de ziekte van Alzheimer. Dit kan belangrijk zijn voor het stellen van een vroege diagnose. Verder kijken de onderzoekers of de activiteit van de schakelneuronen ook via medicatie te beïnvloeden is. Dit zou een eerste stap zijn in de ontwikkeling van een medicijn die de gevolgen van de ziekte van Alzheimer kan remmen.

Originele Titel: Interneurons as diagnostic or therapeutic targets in Alzheimer's disease
Hoofdonderzoeker: Ronald van Kesteren
Instituut: Vrije Universiteit Amsterdam
Gevraagde bijdrage aan Alzheimer Nederland: € 100.000
Start: januari 2018
Looptijd: 24 maanden

Rol van astrocyten bij dementie

De hersenen bestaan niet alleen uit hersencellen. Er zijn zelfs veel meer steuncellen (gliacellen) in de hersenen dan zenuwcellen. Er zijn meerdere typen steuncellen en de stervormige ‘astrocyt’ is erg belangrijk. Deze cellen zijn even belangrijk als zenuwcellen voor het goed functioneren van de hersenen. Een signaal tussen twee zenuwcellen gaat via een contactpunt, de synaps. De astrocyten kunnen het aantal synapsen regelen en ze zorgen voor een optimale signaaloverdracht via de synaps.

Astrocyten reageren op het schadelijke alzheimereiwit amyloïd. Ze raken betrokken bij een afweerreactie om het amyloid op te ruimen. Ze verwaarlozen op dat moment de synaps. Ze raken betrokken bij de ontstekingsreactie, die door de immuuncellen van de hersenen in gang is gezet om het amyloid onschadelijk te maken. We denken dat de reactie van de astrocyten bijdraagt aan dementie. Dit betekent dat het onderdrukken van de reactie van astrocyten op amyloid, dementie kan remmen.

Dit gaan we onderzoeken in muizen, die het alzheimereiwit vormen in de hersenen. Bij deze muizen wordt de astrocytreactie onderdrukt. Hopelijk heeft dit een effect op het aantal synapsen, het functioneren van de synapsen en de astrocyten en het geheugen van de muis (met gedragsexperimenten). Dit project levert toepasbare kennis op over hoe een ontstekingsreactie kan leiden tot dementie. Op de lange termijn draagt deze kennis bij aan het vinden van nieuwe aangrijpingspunten om dementie te remmen en mogelijk te voorkomen.        

Originele Titel: Functional consequences of reactive astrocytes in Alzheimer's Disease
Hoofdonderzoeker: Elly Hol
Instituut: Brain Center Rudolf Magnus, UMC Utrecht
Gevraagde bijdrage aan Alzheimer Nederland: € 200.000
Start: 1 april 2018
Looptijd: 48 maanden

Oorzaken van verwarring bij alzheimer

De verwarring en vergeetachtigheid die patiënten ervaren kan komen doordat ze herinneringen aan soortgelijke gebeurtenissen door elkaar halen. Bijvoorbeeld waar heb ik de autosleutels of afstandsbediening dit keer neergelegd? Om zulke verwarring te voorkomen, kunnen gezonde hersenen gelijksoortige herinneringen gescheiden van elkaar opslaan.

Met een zeer gevoelige techniek wordt bij ratten gemeten hoe het geheugengebied van de hersenen werkt bij gezonde en zieke dieren. De onderzoekers willen zo meer te weten komen over het vormen van geheugen. Worden gelijksoortige signalen nog wel verschillend opgeslagen? Gaat het geheugengebied nog efficiënt om met de signalen? En wat is de invloed van slaap bij het opslaan van deze herinneringen bij gezonde en zieke dieren?

Als we weten hoe de ziekte van Alzheimer verwarring veroorzaakt, kunnen we de ziekte eerder vaststellen. Bovendien kunnen we dan werken aan behandelingen die heel specifiek de hersenen helpen om herinneringen beter op te slaan.

Originele Titel: Neural networks explain confusion in Alzheimer's Disease
Hoofdonderzoeker: Carien Lansink
Instituut: University of Amsterdam
Gevraagde bijdrage aan Alzheimer Nederland: € 100.000
Start: juli 2018
Looptijd: 36 maanden

Hoge (bloed)druk in de hersenen

Hoge bloeddruk verhoogt het risico op de ziekte van Alzheimer en heeft een negatief effect op het verloop van de ziekte van Alzheimer. Eerder onderzoek dat mogelijk werd gemaakt door Alzheimer Nederland liet zien dat hoge bloeddruk bij proefdieren effect heeft op het verwijderen van verschillende stoffen uit de hersenen. De onderzoekers willen tijdens dit onderzoek kijken of dit ook geldt voor het schadelijke alzheimereiwit amyloid.

Bij proefdieren kijken de onderzoekers of amyloid door een hoge bloeddruk meer richting bloedvaten wordt vervoerd. Daarnaast kijken de onderzoekers of dit effect heeft op bepaalde eiwitten in de bloedvaten. Deze resultaten willen ze ook bevestigen in hersenen van mensen die zijn overleden aan de ziekte van Alzheimer. 

Als er meer bekend is over de gevolgen van hoge bloeddruk op de ziekte van Alzheimer, kunnen we kijken of we deze effecten kunnen tegengaan. Bloeddrukverlaging wordt al veel toegepast, maar mogelijk kan andere medicatie de afvoer van amyloid uit de hersenen ook verhogen en daarmee het risico op alzheimer verlagen.

Originele Titel: Hypertension and Alzheimer's disease: disrupted interstitial fluid homeostasis
Hoofdonderzoeker: Erik Bakker
Instituut: Academic Medical Center
Gevraagde bijdrage aan Alzheimer Nederland: € 100.000
Start: December 2017
Looptijd: 24 maanden

Alzheimereiwitten en het beschermingsmechanisme UPR

Vroeg tijdens de ziekte van Alzheimer gaan verbindingen tussen hersencellen (synapsen) verloren. Het schadelijke alzheimereiwit ‘Tau’ speelt hierbij een belangrijke rol. Neerslagen of kluwen van dit eiwit in hersencellen zorgt voor schade. Maar dit is waarschijnlijk niet de enige manier waarop het eiwit schadelijk is.

Recentelijk is aangetoond dat de kluwen van Tau-eiwitten zorgen voor de activatie van een beschermingsmechanisme van hersencellen. Dit mechanisme, de UPR, richt zich op de afbraak van eiwitklonteringen. Ook is aangetoond dat wanneer de UPR wordt geactiveerd, er verbindingen tussen hersencellen verloren gaan.

In gekweekte hersencellen van proefdieren en mensen wordt tijdens dit onderzoek gekeken naar het effect van Tau en de UPR op hersencellen. Als we beter begrijpen hoe de hersencellen beschadigd worden, kunnen we mogelijk de balans van het belangrijke UPR proces herstellen. Want zowel te veel als te weinig UPR is schadelijk voor de verbindingen tussen hersencellen.                        

Originele Titel: The UPR and synaptic dysfunction in neurons with tau pathology.
Hoofdonderzoeker: Wiep Scheper        
Instituut: VU university
Gevraagde bijdrage aan Alzheimer Nederland: € 200.000
Start: januari 2018
Looptijd: 48 maanden

Uitlaatgassen en alzheimer

Bevolkingsonderzoek laat zien dat mensen die in de buurt wonen van grote snelwegen een verhoogd risico hebben op de ziekte van Alzheimer. Er zijn veel theorieën over de oorzaak hiervan. De luchtvervuiling zelf is mogelijk een oorzaak. Maar ook andere factoren kunnen een rol spelen. Zo is er ook een relatie tussen ongezond gedrag en het risico op dementie. Ook het inkomen van mensen speelt een rol. En huizen langs de snelweg zijn vaak goedkoper.

Tijdens deze studie worden drie groepen proefdieren blootgesteld aan (1) schone lucht, (2) lucht rondom een snelweg en (3) fijnstof gefilterde lucht rondom een snelweg. Deze aanpak geeft meer informatie over de impact van uitlaatstoffen op de ziekte van Alzheimer en de mogelijke oorzaak. Zijn fijnstof en/of de verbrandingsgassen verantwoordelijk voor het effect?

Deze studie moet op deze manier bijdragen aan de preventie van alzheimer. Als uitlaatgassen daadwerkelijk effect hebben op het risico op alzheimer, is dit belangrijke informatie voor regelgevende instanties om normen voor uitstoot vast te stellen.             

Originele Titel: Traffic-related air pollution particles: A risk factor for Alzheimer's disease?Hoofdonderzoekers: Roel Schins / Flemming Cassee
Instituut: IUF - Leibniz Research Institute for Environmental Medicine / National Institute for Public Health and the Environment (RIVM)
Gevraagde bijdrage aan Alzheimer Nederland: 48.140 €
Start: januari
Looptijd: 24 maanden

Buik-brein: invloed van de darmen op alzheimer

Gezonde voeding vermindert het risico op alzheimer. De bacteriën in onze darmen zijn hier een mogelijke (deel)verklaring. Deze bacteriën maken stoffen die allerlei processen binnen en buiten de darmen beïnvloeden, zoals opname van voedingsstoffen, ontstekingen, hormoonhuishouding en stofwisseling. Al deze processen kunnen invloed hebben op de gezondheid van de hersenen.

Plantaardige vezels zijn volop aanwezig in gezonde voeding (groenten en fruit). Als bacteriën deze vezels afbreken, ontstaan kleine vetzuren (butyraat, propionaat en acetaat). Het lichaam kan deze stoffen zelf niet maken, maar als deze stoffen worden opgenomen in het bloed werken ze ontstekingsremmend. En ontstekingsreacties zijn één van de oorzaken van schade van de hersenen bij de ziekte van Alzheimer.

Tijdens dit onderzoek wordt ontlasting van bezoekers van de geheugenkliniek onderzocht en wordt gekeken of bacteriën en vetzuren in de ontlasting verband houden met ontstekingseiwitten in het bloed. Deelnemers krijgen vragenlijsten om de invloed van voeding op de bacteriën in de darmen te bepalen. Daarnaast kijken we bij 30 patiënten met de ziekte van Alzheimer (voorstadium) of voedingssupplementen bestaande uit vetzuren de ontstekingseiwitten kunnen verminderen.  

Originele Titel: The gut-microbiome: a novel player in the Alzheimer field?
Hoofdonderzoeker: Majon Muller
Instituut: VU University Medical Center Amsterdam, The Netherlands
Gevraagde bijdrage aan Alzheimer Nederland: 100.000 €
Start: januari 2018
Looptijd: 24 maanden

Cholesterol en de ziekte van Alzheimer

Een bekend risicogen van de ziekte van Alzheimer (ApoE4), verhoogt de kans op alzheimer met 15x. Het gen heeft invloed op de aan- en afvoer van cholesterol in de hersenen. Om goed te functioneren zijn onze hersencellen afhankelijk van cholesterol, dat als voedingsstof en als bouwstof voor hersencellen dient. Maar net zoals in onze bloedvaten, is te veel cholesterol schadelijk voor hersencellen.

Eerdere testen met cholesterolverlagende medicijnen hadden geen effect op het risico op de ziekte van Alzheimer. We moeten daarom beter begrijpen hoe het gen invloed heeft op de cholesterolstofwisseling in de hersenen en op het ontstaan van de ziekte van Alzheimer.

Tijdens dit onderzoek worden menselijke hersencellen, blootgesteld aan stoffen gemaakt door andere cellen uit de hersenen (Astrocyten) met het ApoE4 of ‘normale’ ApoE3 gen. Daarna kijken we wat voor effect dit heeft op de vorming van alzheimereiwitten en gebruik van cholesterol. Ook kijken we of verschillende cholesterolverlagende medicijnen invloed hebben op dit proces. Dit onderzoek kan zo leiden tot meer begrip over de rol van cholesterol. En mogelijk leiden tot nieuwe medicijnstudies om de ziekte van Alzheimer te voorkomen.   

Originele Titel: Understanding neuron-astrocyte lipid crosstalk in sporadic Alzheimer's disease.
Hoofdonderzoeker: Rik van der Kant
Instituut: Vrije Universiteit
Gevraagde bijdrage aan Alzheimer Nederland: € 50.000
Start: Juni 2018
Looptijd: 24 maanden

Beschadiging van hersencellen voorkomen

Hersencellen gebruiken prikkeloverdragende stoffen om met elkaar te communiceren. Daarvoor scheidt de ene hersencel de stoffen uit en een andere cel neemt ze op via een ‘receptor’, een speciaal eiwit dat gevoelig is voor deze stof. Het schadelijke alzheimereiwit amyloid kan ook aan de receptor binden. De receptor gaat dan stuk, met als gevolg dat deze hersencellen minder goed met andere cellen kunnen communiceren en in het ergste geval doodgaan.

Tijdens dit onderzoek willen we een receptor die gevoelig is voor amyloid, mild blokkeren met een nieuw medicijn. Dit medicijn bindt ook aan de receptor, maar laat later ook weer los. Zo hopen we dat er concurrentie ontstaat tussen het medicijn en amyloid, waardoor er minder receptoren kapot gaan. Het amyloid kan dan aan onschuldige eiwitten binden en worden afgevoerd.

Tijdens dit onderzoek testen we dit idee eerst op gekweekte hersencellen. Als de methode werkt, dienen we het medicijn toe aan muizen die veel amyloid in de hersenen vormen. De effecten van het medicijn op het geheugen en de schade in de hersenen wordt vervolgens onderzocht. Bij succes kan dit onderzoek leiden tot nieuwe medicijnstudies.                            

Originele Titel: α7 subunit containing nAChR antagonism and the interaction with amyloid-β in AD
Hoofdonderzoeker: Dr. Tim Vanmierlo
Instituut: Maastricht University
Gevraagde bijdrage aan Alzheimer Nederland: 50.000 €
Start: december 2017
Looptijd: 24 maanden