Partners zijn geen bezoek, zij bieden liefde, warmte en veiligheid

Foto Didi (F.J) Waisapey en Anneke Velthuizen
Didi (F.J) Waisapey en Anneke Velthuizen

Ingezonden brief

Ik schrijf deze brief uit naam van alle partners en mantelzorgers die na vele jaren van nabijheid door de coronamaatregelen ineens niet meer bij hun dierbare in het verpleeghuis mogen komen. Mijn man van 87 leed aan dementie en was daarnaast geheel rolstoelafhankelijk, verlamd en nagenoeg doof. 

Ook het praten ging hem steeds moeilijker af; zijn mond zei niet meer wat zijn hoofd dacht. Wel wist hij nog redelijk wat er om hem heen gebeurde. Jarenlang heb ik hem thuis liefdevol verzorgd totdat dit niet meer ging. Na opname in het verpleeghuis, nu 3 jaar geleden, ben ik elke dag bij hem geweest. Op die manier kon ik hem de structuur bieden die hij nodig had bij zijn voortschrijdende dementie en lichamelijke achteruitgang. Door zijn ziekte kwamen gevoelens van angst, eenzaamheid en onveiligheid die hij als kind en jongvolwassene in het toenmalig Nederlands-Indië heeft meegemaakt soms in volle hevigheid terug. Hij genoot zichtbaar van de veiligheid en geborgenheid die ik hem kon geven en juist dit gaf hem nog een reden om dit leven vol te houden.

Ook voor mij was het waardevol en goed om mijn leven zo inhoud te geven. Het gaf mij het gevoel er nog voor hem te kunnen zijn en voor hem het leven draaglijker te kunnen maken. Ik deed nog heel veel grote en kleine dingen voor hem. Na 50 jaar lief en leed wil je dat blijven delen. Je wilt de beloftes van trouw en geborgenheid nakomen en zijn pijn verzachten.

In de afgelopen weken heeft het coronavirus de wereld in zijn greep gekregen en is alles anders geworden. We moeten afstand houden en voorzichtig zijn met als motto: Samen tegen corona. Maar dat samen was er niet meer: ik kon en mocht er niet meer voor hem zijn. Dat er maatregelen nodig zijn begrijp ik. Alleen was ik van liefhebbende echtgenote plotseling bezoek geworden. Dit laatste stuk van zijn leven moest hij alleen doormaken. En ik ook. Ondertussen zag ik hem achteruitgaan en dat is het beeld waar ik het mee moest doen: een ontredderde man die zienderogen achteruit ging, omdat ik hem zijn rust en zekerheid niet kon geven.

De vraag was hoe lang dit nog zou duren, misschien weken, misschien maanden. 
Vanaf de ingangsdatum had ik hem al weken niet meer echt gezien en ik heb hem zo ernstig achteruit zien gaan dat ik bang was dat hij niet meer zo lang zou hebben. 
Dat was hartverscheurend, voor hem, maar zeer zeker ook voor mij. Nogmaals ik begrijp de maatregelen en ik hield mij keurig aan de afspraken: ik ontving geen bezoek, ging alleen naar de winkel als het nodig was en hield 1,5 m afstand. In die zin vormde ik geen grotere, of juist wel een kleiner risico, voor mijn man dan al het wisselend personeel.

Mijn verhaal staat niet op zichzelf. Naast mij zijn er heel veel partners met vele huwelijksjaren en andere zeer betrokken familieleden. 
Zij zijn geen bezoek: zij zijn het ritme en de veiligheid voor de mensen met dementie en anderen die volledig afhankelijk zijn van hun dierbare naasten.

Mijn vurige wens is dan ook dat er een versoepeling komt van de maatregel dat we niet meer op bezoek mogen. Het zou zo welkom zijn als er per bewoner 1 vast contactpersoon op bezoek mag komen voor de warmte en het samenzijn in dit allerlaatste stuk van het leven. En dat bewoners weer rust en geborgenheid geboden mag worden in hun wereld die nu al weken totaal op zijn kop staat.

Helaas heeft het allemaal niet meer zo mogen zijn en is mijn man Didi Waisapey maandag 13 april jongstleden overleden…
Ondanks mijn enorme verdriet en het grote gevoel van onmacht nog in me, wil ik juist nu een lans breken voor al die kwetsbare ouderen en hun partners in verpleeghuizen. Dit in de hoop dat hun nachtmerries ophouden, en dat ze op een verantwoorde wijze elkaar af en toe mogen bezoeken.

Anneke Waisapey-Velthuizen
Zwijndrecht

Dit nieuwsbericht is gepubliceerd door