Tips voor het omgaan met warmte

Let op de warmte

Je naaste met dementie kan moeite hebben met het herkennen van warmte. Omdat ze niet goed voelt of ze het warm of koud heeft, kan ze vergeten de juiste voorzorgsmaatregelen te nemen. Dit kan gevaarlijk zijn wanneer de temperatuur ‘s zomers flink oploopt.

Voorkomen van oververhitting en uitdroging

Oververhitting en uitdroging kunnen ernstige gevolgen hebben voor de gezondheid van je naaste met dementie. Let er daarom op dat ze het niet te warm krijgt. Een aantal tips:

  • Laat je naaste veel water, thee en sap zonder suiker drinken. Waterijsjes, fruit, schijfjes komkommer, bouillon (lauwwarm), yoghurt en vla zijn goede vochtaanvullers. Het is ook handig om O.R.S. in huis te hebben.
  • Check of ze regelmatig goed en gezond eet, zodat het zoutgehalte in haar lichaam op peil blijft. Een lichaam op gewicht kan zichzelf beter op de juiste temperatuur houden.
  • Vermijd alcohol en cafeïne.
  • Zorg voor verkoeling van het lichaam en het huis. 20 à 21 graden is de ideale temperatuur in huis. Door regelmatig een koel washandje over het gezicht en handen/armen te halen, help je het lichaam afkoelen. Ook een verkoelend voetenbadje kan helpen.
  • Vraag aan de arts of de medicijnen van je naaste invloed hebben op haar lichaamstemperatuur en vochthuishouding (plaspillen).
  • Zorg dat ze luchtige, dunne kleding aantrekt. Katoen en linnen zijn het fijnst. De kleding mag niet te strak aansluiten op de huid.
  • Blijf uit de felle zon. Creëer schaduw, bijvoorbeeld door een zonnescherm of parasol.
  • Zorg voor een koele luchtstroom, bijvoorbeeld met een ventilator. Let er wel op dat de luchtstroom van de ventilator de gordijnen en planten niet laat wapperen. Je naaste kan daarvan schrikken.
  • Goed om te weten: ook tijdens de coronacrisis kun je een ventilator gebruiken, zeker bij je naaste thuis. Het is nog niet duidelijk of het gebruik van een ventilator in een gemeenschappelijke ruimte zorgt voor een grotere kans op besmetting. Daarom raadt het RIVM aan om alleen ventilatoren te gebruiken in gemeenschappelijke ruimtes als er geen andere verkoeling mogelijk is, bijvoorbeeld door een goed airconditioning systeem. Let er in het verpleeghuis of op de dagbesteding dus wel op hoe de ventilator wordt geplaatst. De luchtstroom van de ventilator mag niet direct van de ene naar de andere persoon gaan.
  • Als samen met je naaste gaat wandelen, zorg er dan voor dat ze langzamer loopt dan normaal en dat je meer rustmomenten inbouwt.
Dit nieuwsbericht is gepubliceerd door