VROEGE DEMENTIE EN WERK – OPTIMALISEREN VAN INZETBAARHEID VOOR ARBEID

Scriptie onderzoek Vroege dementie en werk

Carine Provoost, arts in opleiding tot bedrijfsarts, deed afgelopen jaar onderzoek naar dementie op jonge leeftijd en werk. Hieronder volgt een samenvatting.

Vroege dementie heeft een groot effect op het functioneren in werk. In dit onderzoek is gezocht naar een antwoord op de vraag: waar hebben werknemers met dementie baat bij wat betreft hun inzetbaarheid in arbeid, en wat brengt hen dit? In dit kwalitatieve onderzoek zijn (partners van) patiënten met dementie en verschillende (arbo)professionals geïnterviewd. De volgende deelnemers zijn geïncludeerd: twee partners van inmiddels overleden patiënten, drie patiënten met een mantelzorger en vijf arbo- of zorgprofessionals. Deelnemers uit beide groepen bepleitten continuering van arbeid met als belangrijke winst ‘behoud van (cognitief) functioneren’.

Diverse ondersteunende factoren werden geformuleerd, te onderscheiden in ‘regelmogelijkheden’ en ‘sociale steun’. Ook de eigen motivatie van werknemer is belangrijk. De bedrijfsarts krijgt zowel een signaleringsfunctie als een schakelpositie tussen werkgever en werknemer toebedeeld. In hoeverre mensen na de diagnose dementie nog kunnen werken, is sterk afhankelijk van de ernst van de ziekte op dat moment, en de geboden mogelijkheden door werkgever. De bedrijfsarts heeft een belangrijke rol in het gehele proces, van signalering van de problematiek tot ondersteunen van concrete arbeidsmogelijkheden.

Het algeheel welzijn van de medewerker dient hierbij uitgangspunt te zijn. Aanbevolen wordt een interventie te ontwikkelen met handvatten voor alle betrokkenen om mogelijke arbeidsparticipatie te ondersteunen.

 

Dit nieuwsbericht is gepubliceerd door