Zorg en begeleiding buiten uw zorgverzekering

Naast zorg vanuit de zorgverzekering wordt een deel van de zorg en ondersteuning door de gemeenten aangeboden via de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015). Voor langdurige zorg kunt u terecht bij de Wet langdurige zorg (Wlz). De indicatie die u heeft is bepalend. U komt in aanmerking voor een Wlz-indicatie als uw zorgbehoefte langdurig is en u 24 uur per dag zorg nodig heeft. Bij minder intensieve zorg kunt u gebruik maken van de Wmo en zorg vanuit uw zorgverzekering. U bent altijd verplicht om een zorgverzekering te hebben.
 

Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015)

Als mensen niet alles meer zelf kunnen doen, bijvoorbeeld door een beperking, ouderdom of de gevolgen van dementie, dan biedt de gemeente via de Wmo 2015 ondersteuning thuis. Hierbij kunt u denken aan woningaanpassingen, hulp bij het huishouden en hulpmiddelen. Voor mensen met dementie biedt de gemeente begeleiding, dagbesteding en ondersteuning voor mantelzorgers. Gemeenten mogen voor de ondersteuning die zij bieden een eigen bijdrage vragen. Vanaf 2019 heeft deze eigen bijdrage de vorm van een abonnementstarief van maximaal € 17,50 per vier weken voor huishoudens die gebruik maken van maatwerkvoorzieningen in de Wmo.

Let op: de Wmo-voorzieningen verschillen per gemeente. De gemeente moet naar de individuele situatie van mensen kijken en specifieke voorzieningen leveren die nodig zijn. Concreet gaat het om voorzieningen die passen bij wat u nodig hebt, zoals individuele begeleiding, een vervoersvoorziening of een aanpassing aan uw huis.
 

Wet langdurige zorg (Wlz)

De Wet langdurige zorg (Wlz) regelt zware, intensieve zorg voor onder andere kwetsbare ouderen. Het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) beoordeelt of u in aanmerking komt voor zorg vanuit de Wlz. U komt mogelijk in aanmerking als u 24 uur per dag zorg in de nabijheid of toezicht nodig heeft, bijvoorbeeld als er sprake is van vergevorderde dementie. Met een Wlz-indicatie kunt u terecht in een verpleeghuis. Maar u kunt er ook voor kiezen om thuis te blijven wonen met intensieve zorg. Dit is alleen mogelijk als de situatie thuis geschikt is om verantwoord en doelmatig zorg te krijgen. Het zorgkantoor gaat hierover met u in gesprek en beoordeelt de situatie.
 

Wie is verantwoordelijkheid voor de maaltijdondersteuning?

Afgelopen jaar hebben de media bericht over problemen met de maaltijdondersteuning van ouderen, waardoor zij ondervoed kunnen raken. Het is daarom van belang om te weten welke instantie in uw specifieke geval verantwoordelijk is voor de maaltijdondersteuning. Dit is als volgt geregeld:

  • De gemeente zorgt als uitvoerder van de Wmo 2015 voor hulp bij de maaltijd als iemand dit nodig heeft om zelfstandig te kunnen blijven wonen en hiervoor niet terecht kan bij familie of naasten. Deze ondersteuning kan bijvoorbeeld bestaan uit hulp bij het boodschappen doen, verstrekking van de maaltijd, opwarmen van de maaltijd en erop toezien dat de maaltijd genuttigd wordt.
  • Als er sprake is van een ‘geneeskundige context of een hoog risico daarop’, dan kan de wijkverpleegkundige of verzorgende toezien op of helpen bij het opeten van het eten. De wijkverpleegkundige kan hiervoor een indicatie geven, bijvoorbeeld in het geval van dementie.
  • Vanuit de Wlz zijn alle vormen van hulp bij het eten/drinken mogelijk. Dit geldt zowel voor bewoners van Wlz-instellingen als voor mensen die thuis Wlz-zorg ontvangen. Voor mensen die in een Wlz-instelling wonen of hun zorg via een Volledig Pakket Thuis krijgen, geldt nog dat ook de maaltijden zelf vanuit de Wlz worden verstrekt.
  • Mensen die thuis wonen kunnen, net als andere inwoners van een gemeente, gebruik maken van de maaltijdservice, voor zover de gemeente dit als algemene voorziening aanbiedt.
     

Behandelingen en zorgtaken in de Wet Langdurige Zorg (Wlz)

Vorm van zorg

Wlz in een zorginstelling

Wlz Volledig Pakket Thuis (vpt)

Wlz Modulair pakket thuis (mpt)

Wlz pgb

Verstrekken van eten en

drinken

Zorg wordt geleverd

Zorg wordt geleverd

 

 

Huishoudelijke

hulp

Zorg wordt geleverd

Zorg wordt geleverd

Zorg wordt geleverd

Zorg wordt geleverd

Cliëntondersteuning

Zorg wordt geleverd

Zorg wordt geleverd

Zorg wordt geleverd

Zorg wordt geleverd

Vervoer

Zorg wordt geleverd

Zorg wordt geleverd

Zorg wordt geleverd

Zorg wordt geleverd

Logeeropvang

 

Zorg wordt geleverd

Zorg wordt geleverd

Zorg wordt geleverd

Meeverhuizende partner

Recht op meeverhuizen zonder zelf Wlz-indicatie te hebben

 

 

 

Verpleging

Zorg wordt geleverd

Zorg wordt geleverd

Zorg wordt geleverd

Zorg wordt geleverd

Persoonlijke verzorging

Zorg wordt geleverd

Zorg wordt geleverd

Zorg wordt geleverd

Zorg wordt geleverd

Begeleiding

Zorg wordt geleverd

Zorg wordt geleverd

Zorg wordt geleverd

Zorg wordt geleverd

Behandeling

Zorg wordt geleverd

Zorg wordt geleverd

Zorg wordt geleverd

 

Aanvullende zorg bij verblijf

en behandeling

Zorg wordt geleverd

 

 

 

Mobiliteitshulpmiddelen

Zorg wordt geleverd

 

 

 

Geestelijke gezondheidszorg

(GGZ)

Zorg wordt geleverd als de behandeling van de psychische stoornis integraal onderdeel uitmaakt van de behandeling.

 

 

 

Roerende voorzieningen

Zorg wordt geleverd

 

 

 

Onvrijwillige opname

Zorg wordt geleverd

 

 

 

Overige voorzieningen

Wlz-instelling maakt afspraken met de cliëntenraad en de individuele bewoners

 

 

 

 

Definities:   

  • Eten en drinken: Drie maaltijden, voldoende drinken, tussendoortjes en dergelijke.
  • Huishoudelijke hulp: Onder meer het schoonhouden van het huis, maaltijden klaarmaken, verzorging planten en dieren etc.
  • Cliëntondersteuning: Onafhankelijke (sociale) ondersteuning met informatie, advies, algemene ondersteuning en zorgbemiddeling.
  • Vervoer: Naar en van behandeling/begeleiding en dagbesteding als het niet dezelfde locatie bevat waar de verzekerde woont.
  • Logeeropvang: Kortdurend verblijf om de mantelzorger(s) te ontlasten. Behalve logeerverblijf horen ook eten en drinken en het schoonhouden van de logeerruimte bij de logeeropvangzorg.
  • Meeverhuizende partner: De partner van o.a. iemand met een psychogeriatrische aandoening heeft recht op verblijf in dezelfde instelling en mag meeverhuizen zonder zelf een Wlz-indicatie te hebben. Meer informatie vindt u via deze link
  • Verpleging: Verpleegkundige zorg. Voorbeelden zijn: toedienen van medicatie, injecteren, katheteriseren en blaasspoelingen, stomazorg en wondverzorging.
  • Persoonlijke verzorging: Het ondersteunen of overnemen van zelfzorg (wassen, toiletgang, uit- en aankleden, aanreiken van medicijnen en hulp bij eten en drinken).
  • Begeleiding: Ondersteuning bij het uitvoeren van algemene dagelijkse levensverrichtingen en bij het aanbrengen en behouden van structuur in en regie over het persoonlijk leven. Hulp bij het plannen van activiteiten is een voorbeeld van begeleiding. Ook toezicht is een vorm van begeleiding.
  • Behandeling: Medische zorg en zorg die van belang is voor de aandoening. Soms kan behandeling zich ook op de mantelzorger of verzorger richten, zoals leren omgaan met iemand met dementie.
  • Aanvullende zorg bij verblijf met behandeling: Geneeskundige zorg, behandeling van psychische stoornis, medicijnen, hulpmiddelen, tandheelkundige zorg, speciale kleding voor mensen die in een Wlz-instelling wonen en hier ook behandeld worden.
  • Mobiliteitshulpmiddelen: Het gebruik van een rolstoel.
  • Geestelijke gezondheidszorg: De begeleiding en behandeling van mensen met een psychische stoornis.
  • Roerende voorzieningen: Voorzieningen die nodig zijn voor de zorgverlening of voor normaal gebruik van de woonruimte. Voorbeelden zijn: een hoog-/laagbed, een tillift of een postoel.
  • Onvrijwillige opname: Soms wordt iemand tegen zijn of haar wens in opgenomen in een instelling. Dat kan alleen op grond van een besluit van een burgermeester of met een rechterlijke machtiging. Bij mensen met een psychogeriatrische aandoening kan het CIZ een besluit over onvrijwillige opname nemen.
  • Overige voorzieningen: Soms betaalt de Wlz-instelling voorzieningen (zoals een biljartkamer) voor de bewoners. Wat hier wel of niet onder valt, verschilt per instelling.